Elizabeth Harper

Cult of the Dead (Napels)

CULT OF THE DEAD TIMELINE

1274: het vagevuur werd formeel aanvaard als katholieke leer en door de kerk gedefinieerd als "de plaats van zuivering waardoor zielen op weg naar het paradijs gaan" op het tweede concilie van Lyon.

1438-1443: Het Concilie van Firenze voegde toe dat "de suffrages van de nog levende gelovigen doeltreffend waren om [zielen in het vagevuur] verlichting te brengen van een dergelijke straf ..."

1563: Een bijkomend decreet betreffende het vagevuur werd aangenomen op het Concilie van Trente, waarin de door de kerk gesanctioneerde ideeën over het vagevuur werden afgebakend van "die dingen die neigen tot een bepaald soort nieuwsgierigheid of bijgeloof, of die reuk van smerig gewin".

1476: Paus Sixtus IV bevestigde dat aflaten kunnen worden verdiend door de levenden voor zielen in het vagevuur, waardoor de tijd van individuele zielen daar wordt bekort.

1616: Een groep Napolitaanse edellieden richtte de Congrega di Purgatorio ad Arco op, een groep die zich toelegt op het begraven van de armen en het bidden voor hun ziel in het vagevuur.

1620s: St. Robert Bellarmine leerde dat zielen in het vagevuur de levenden konden helpen omdat ze dichter bij God staan ​​dan de mensen op aarde; zielen in het vagevuur kunnen echter geen specifieke gebedsverzoeken horen.

1638: De kerk van Santa Maria delle Anime del Purgatorio ad Arco werd voltooid en ingewijd. Onder de kerk bevond zich een hypogeum dat door de Congrega di Purgatorio ad Arco wordt gebruikt om de armen van de stad te begraven.

1656-1658: The Black Death, of builenpest (Yersinia pestis), verwoestte Napels, waarbij ongeveer de helft van de inwoners van de stad omkwam. Van de naar schatting 150,000 doden werden velen haastig begraven in putten of bestaande tufsteengrotten zonder markeringen.

1780: Napolitaanse priester, St. Alphonsus Maria de 'Liguori van Napels, gebouwd op de leer van St. Robert Bellarmine over het vagevuur. Liguori leerde dat God de gebeden van de levenden bekend maakt aan de zielen in het vagevuur, waardoor de doden de levenden konden helpen met specifieke zaken op aarde.

1837: Slachtoffers van een cholera-epidemie in Napels werden begraven in de massagraven rond de stad, waaronder de begraafplaats van Fontanelle.

1872: pater Gaetano Barbati sorteerde en catalogiseerde de botten op de begraafplaats van Fontanelle met vrijwilligers uit de stad, die baden voor de doden terwijl ze het werk voltooiden.

1940-1944: Een aantal van de tufsteengrotten die als begraafplaats werden gebruikt, dienden als schuilkelders tijdens de Tweede Wereldoorlog, waardoor de levenden een nieuwe reden kregen om te bidden tot de zielen in het vagevuur, die werden voorgesteld door de botten die daar begraven waren.

1969: aartsbisschop van Napels, Corrado Ursi verordende dat "uitingen van cultus gericht op menselijke resten" "willekeurig, bijgelovig en daarom ontoelaatbaar" waren.

1969: De begraafplaats van Fontanelle wordt gesloten en de cultus van de doden wordt onderdrukt.

1980: De aardbeving in Irpinia trof Napels, waardoor de kerk van Santa Maria delle Anime del Purgatorio ad Arco werd gesloten, waardoor de resterende activiteiten van de Cult of the Dead effectief werden onderdrukt.

Jaren 1980 (laat): I Care Fontanelle werd opgericht om rondleidingen te geven en de "degradatie" van de Fontanelle-begraafplaats tegen te gaan, zowel de structuur van de grot zelf als de aanhoudende activiteiten van de Cult of the Dead.

1992: De kerk van Santa Maria delle Anime del Purgatorio ad Arco werd heropend nadat de restauratiewerkzaamheden waren voltooid.

2000-2004: Er vonden meer restauratiewerkzaamheden plaats op de begraafplaats van Fontanelle.

2006: De begraafplaats van Fontenelle werd op beperkte basis heropend.

2010: De begraafplaats van Fontenelle wordt voltijds heropend.

OPSCHRIFT / GROEP GESCHIEDENIS

Aan zijn aanhangers, bestaat de Napolitaanse Cultus van de Doden als een deel van het Katholieke geloof. In feite identificeren aanhangers hun religieuze overtuigingen vaak niet als iets anders dan katholiek of gebruiken ze de aanduiding "Cult of the Dead." Maar voor de katholieke kerk is de cultus ketters en bestaat ze buiten het geloof. De kernopvattingen van de sekte kunnen het best worden begrepen als een mengeling van katholieke doctrine met betrekking tot het vagevuur en de reeds bestaande volksreligie binnen het voormalige Koninkrijk van Napels (nu Zuid-Italië). In deze regionale volksreligie, de levende poging om persoonlijke relaties op te bouwen met de zielen van de doden. Ze beschouwen deze relaties als een praktische manier om wonderen te bewerkstelligen en het dagelijks leven te verbeteren.

Om te begrijpen hoe de Cult of the Dead vertrekt van de katholieke interacties met de zielen van de doden, moet men eerst het concept en de oorsprong van het vagevuur begrijpen.

Zoals Jaques Le Goff uiteengezet in zijn baanbrekende boek, De geboorte van het vagevuur, in de twaalfde en dertiende eeuw, het concept van dehet hiernamaals werd steeds specifieker door een aantal culturele verschuivingen. Een bijzonder belangrijke verschuiving was de evolutie van het concept van rechtvaardigheid; De straffen voor misdrijven werden aangepast aan de individuele omstandigheden. Dit concept breidde zich uiteindelijk uit tot in het hiernamaals en het lot van een persoon na de dood weerspiegelde de omvang van zijn of haar zonden. Dit werd bereikt door de conceptie van een derde plaats, anders dan hemel en hel. Het was een tijdelijke plaats voor bestraffing en verzoening waarvan men dacht dat het naast de hel lag. Men geloofde dat alle door zonde bedorven zielen daarheen gingen voor een tijd die overeenkwam met het aantal en de ernst van iemands zonden voordat ze in de hemel werden toegelaten. De plaats heette "vagevuur" [afbeelding rechts is de fresco van zielen in het vagevuur], en het concept werd formeel als leer aanvaard in 1274 op het tweede concilie van Lyon.

Tegen de vijftiende eeuw stond de katholieke doctrine de levenden toe aflaten te verdienen voor de lijdende zielen in het vagevuur omdat ze eerder aflaten voor zichzelf hadden verdiend. (Een aflaat is een kwijtschelding of vermindering van de tijdelijke straf voor de zonde, verdiend door spirituele oefeningen en daden van naastenliefde.) Hiermee werd de macht van de paus (die deze aflaten verleende) effectief uitgebreid van het aardse rijk naar het hiernamaals voor de eerste keer. Om deze reden werd het concept van aflaten voor de doden snel omarmd door elite geestelijken die graag pauselijke macht wilden uitbouwen. Maar de leken omarmden deze nieuwe vorm van naastenliefde voor de doden om geheel andere redenen.

Door het hele Koninkrijk van Napels opereerde het populaire katholicisme al op een onorthodoxe manier, door middel van een tit-for-tat-systeem van gebeden in ruil voor toegekende goddelijke gunsten. Dit volkskatholicisme leek orthodox voor de geestelijkheid maar was heterodoxpraktijk. Het was een individualistische, resultaatgerichte stijl van aanbidding die naast geloof in volksmagie en hekserij naast elkaar bestond, vooral onder de lagere klassen. Specifieke iconen van de Madonna, evenals de relikwieën van heiligen leken op de orthodoxe manier door de leken vereerd te worden (door te bidden die al met Countr werken het pictogram of reliek, niet naar het) maar deze gebeden werden in de praktijk gezegd naar het pictogram of de heilige. Op hun beurt werd van deze beelden en objecten verwacht dat ze hun bovennatuurlijke krachten gebruiken om de vereringsleider te helpen. Wanneer gebeden werden verhoord, zou de persoon die het verzoek deed een teken van dankbaarheid brengen, een naam genoemd ex voto, naar het heiligdom waar het verzoek werd gedaan [Afbeelding rechts]. In het orthodoxe katholicisme, ex votos worden gratis aangeboden in dankzegging; In het Napolitaanse volkskatholicisme stellen deze geschenken echter een unieke, wederkerige relatie tussen het individuele en het tastbare heilige object (de ikoon of relikwie). Vanaf dit moment van wederkerigheid werd verwacht dat de relatie wederzijds voordelig zou zijn en op elk moment zou kunnen worden omgekeerd mocht het heilige object falen of zou de vergevorderde nalaten passende dankbaarheid te uiten.

Toen de katholieke kerk uiteindelijk toestond dat gebeden namens zielen in het vagevuur werden uitgesproken, breidden deze wederzijdse relaties, die voorheen beperkt waren tot heiligen en de maagd Maria, zich uit tot de doden, hoewel de kerk onvermurwbaar bleef dat zielen in het vagevuur geen bovennatuurlijke krachten hadden. Dit afwijkende geloof, dat de zielen van gewone doden de macht hadden om de levenden te helpen, vormde de basis van de Cult of the Dead in het koninkrijk Napels. Prominente katholieke theologen en geestelijken zoals St. Robert Bellarmine en St. Alphonsus Maria de 'Liguori probeerden de orthodoxe relatie met zielen in het vagevuur uit te breiden door het rechtstreeks tot hen richten van gebeden. De hoop was om de ketterse Napolitanen op te nemen in plaats van de gelovigen uit te sluiten in een regio die historisch gezien een bolwerk van het pausdom was geweest. Deze maatregelen slaagden er echter niet in om het Napolitaanse concept van het vagevuur volledig in de orthodoxie te brengen, aangezien de logica van het vagevuur met het goedgekeurde systeem van aflaten keurig in overeenstemming was met de bestaande logica van het volkskatholicisme.

De impact van de Cult of the Dead op het katholicisme in Italië is gewaxt en afgenomen, maar de aanwezigheid ervan is vaak het meest opvalt in tijden van strijd: specifiek bij vrouwen die zijn getroffen door ziekte, natuurramp of oorlog, die geen toegang hebben tot macht en middelen binnen de Katholieke kerk. Hoewel de Cult of the Dead aanwezig is in heel het voormalige Koninkrijk Napels, dat tegenwoordig een groot deel van Zuid-Italië omvat, heeft het door de unieke geschiedenis van grootschalige rampen een sterke greep op de stad Napels gehad. Dit is vooral waar de aanwezigheid van de sekte vandaag nog steeds voelbaar is.

DOCTRINES / OVERTUIGINGEN

Terwijl bidden voor zielen in het vagevuur bestaat binnen de katholieke kerk, zijn er twee hoofdverschillen die de overtuigingen van de Cult of the Dead onderscheiden van die van de kerk. De eerste is de wederkerige relatie tussen de doden en de levenden. Katholiek De leer staat de zielen in het vagevuur niet toe om gunsten te verlenen aan de levenden, noch gelooft het dat ze vereerd zouden moeten worden zoals men heiligen of de Maagd Maria zou vereren. Voor orthodoxe katholieken is de relatie tussen de levenden en de zielen in het vagevuur strikt eenzijdig en liefdadig: gebeden van de levenden zijn bedoeld om de tijd van de doden in het vagevuur te verkorten zonder dat er een beloning wordt verwacht. Daarentegen verwachten leden van de Cult of the Dead dat de zielen in het vagevuur hun gebeden horen en snel verandering in hun leven bewerkstelligen. Dit extra voordeel verklaart de unieke preoccupatie met het vagevuur in Napels, van het ongewoon hoge aantal broederschappen die zich toeleggen op de zorg voor en bidden voor de doden, zoals de Arciconfraternita dei Bianchi en de Congrega di Purgatorio ad Arco, tot de Napolitaanse praktijk om heiligdommen te bouwen tot zielen in het vagevuur in nissen op straat, [Afbeelding rechts] vaak compleet met terracotta beeldjes van mensen die in vlammen staan ​​en foto's van overleden familieleden.

Het tweede verschil zit in het onderscheid dat de Cult of the Dead maakt tussen de bekende en onbekende doden. In de katholieke kerk kunnen gebeden die worden gezegd voor zielen in het vagevuur specifiek zijn voor een persoon of voor de zielen in het vagevuur in het algemeen. Ofwel wordt beschouwd als een liefdadige manier om de tijd in het vagevuur te verkorten voor de beoogde. De Cult of the Dead verdeelt zielen echter in twee categorieën: de bekende doden en de onbekende doden. Deze twee groepen worden verschillend vereerd en worden verondersteld twee heel verschillende lotgevallen te hebben.

De bekende zielen worden bij naam gebeden. Van gebeden die zeiden dat ze hun tijd zouden verkorten in het vagevuur, maar als het gaat om de wederkerige relatie, worden deze zielen beschouwd als minder krachtig en minder waarschijnlijk om wonderen te doen aan hun levende weldoener.

De onbekende zielen zijn belangrijker voor de Cult of the Dead, en hier vertrekt de cultus dramatisch van de katholieke doctrine. Dede sekte gelooft dat zielen waarvan de namen onbekend blijven, meestal mensen die stierven in plagen, oorlogen of natuurrampen, tot een eeuwigheid in het vagevuur gedoemd zijn. Deze zielen worden vertegenwoordigd door de anonieme botten in de talrijke massagraven en grafgrotten van Napels die zonder markeringen zijn begraven. [Afbeelding rechts]. Binnen de Cult of the Dead worden deze zielen collectief vereerd en er wordt gedacht dat ze buitengewoon krachtig zijn als het gaat om het doen van wonderen aan de levenden. Om deze reden worden de doden vaak collectief herdacht door het stapelen en catalogiseren van hun botten (zoals in het geval van de Fontanelle begraafplaats), door kerken te bouwen boven de plaatsen waar ze werden begraven (zoals in het geval van Santa Maria del Pianto en Santa Croce e Purgatorio al Mercato, die het oorspronkelijke monument van de pestkolom verving), of in het behoud van anonieme lichamen in de kerk (zoals te zien is in de Chiesa del Santissimo Crocifisso detta la Sciabica).

Binnen de sekte moet de relatie tussen levende en anonieme doden nog steeds wederkerig blijven. Maar zonder de mogelijkheid om een ​​ziel uit het vagevuur te bevrijden, bidt de levenden refrisco voor de onbekende zielen. Refrisco wordt beschouwd als een tijdelijke verlichting van de vuren van het vagevuur, als een koel drankje op een warme dag. Dit concept werd geïllustreerd in het beeld van de Madonna of Graces, een populair beeld van de Maagd Maria die moedermelk verdrijft in het vagevuur. Hoewel er nog enkele voorbeelden bestaan, is dit beeld tijdens de Contra-Reformatie met succes verminderd vanwege de sensualiteit en de associatie met populaire maar ketterse opvattingen over het vagevuur.

RITUELEN / PRAKTIJKEN

Zoals in zijn overtuigingen, deelt de Cult of the Dead in zijn praktijken enige overlap met het katholicisme. Deze co-praktijken omvatten het hebben van massa's gezegd voor de doden en het verdienen van aflaten voor de zielen in het vagevuur door gebeden en boetedoening (hoewel het concept van het verdienen refrisco want onbekende zielen maken strikt deel uit van de volksopvatting van het vagevuur dat de Cult of the Dead omarmt, in plaats van de officiële katholieke doctrine).

Het primaire ritueel dat wordt geassocieerd met de Cult of the Dead dat niet bestaat binnen de katholieke kerk, is de adoptie enverering van anonieme menselijke resten. Dit kan verschillende vormen aannemen. In de ruimste zin kan een hele stad een massagraf aannemen, zoals een gevangenenkerkhof, een pestkuil of een pottenbakkersveld, en een monument oprichten waar mensen kunnen komen bidden tot de zielen en ex voto's kunnen verlaten. In andere gevallen worden specifieke anonieme overblijfselen geadopteerd door een gemeenschap en verheven tot de status van volksheilige, zoals in het geval van een mummie met de bijnaam "Oom Vincent" [Afbeelding rechts] in de stad Bonito.

Deze praktijk van adoptie en verering is echter het nauwst verbonden met de stad Napels en zijn grafgrotten en hypogea. Dit is waar leden van de Cult of the Dead komen om schedels te adopteren die "pezzentelle" worden genoemd, wat "arme kleintjes" betekent in Napolitaans dialect. Hoewel door de Kerk als ketters beschouwd, kan deze praktijk van het verzoeken om een ​​gevonden schedel, worden opgevat als een logisch uitvloeisel van de katholieke praktijk van verering van de relikwieën van heiligen.

Inderdaad, de bekendere schedels in Napels zoals "Lucia de Maagdelijke bruid" (die rust in het hypogeum in Santa Maria del Toro)Purgatorio ad Arco), "Donna Concetta," [Afbeelding rechts] en de "De kapitein" (beide op de Fontanelle-begraafplaats) worden behandeld als de relikwieën van heiligen, in zoverre dat ze als gemeenschapseigendom worden beschouwd en niet door een persoon kunnen worden geadopteerd . Ze ontvangen gebeden en dank van veel mensen en verzamelen ex votos, voor gebeden beantwoord, net zoals heiligen doen op de heiligdommen waar hun relikwieën rusten.

Terwijl deze beroemde schedels de aandacht trekken van toegewijden en toeristen, is private schedelverering meer typerend in de Cult of the Dead in Napels. Hoewel dit in het orthodoxe katholicisme niet ongehoord is, werd private relikwieverering vaak ontmoedigd, uit angst dat dit zou leiden tot afgoderij of fetisjisme, en kwam bijna altijd voor in de context van een rijke persoon die het reliek van een heilige thuis hield. In tegenstelling, private relikwie verering binnen de Cult of the Dead gebeurt nog steeds in het openbaar, meestal op een knekelhuis zoals de Fontanelle begraafplaats of een van de kleine hypogea die nog steeds verspreid zijn rond Napels, zoals die in Santa Maria delle Anime al Purgatorio ad Arco.

Het proces begint met de adoptie. In sommige gevallen wordt de schedel gekozen door de gelovige die het gebed opdraagt, kaarsen aansteken,of plaats er een muntstuk op [Afbeelding rechts]. In andere gevallen wordt de persoon geadopteerd door een bepaalde schedel die in een droom naar de levenden komt om verering te vragen. Communicatie tussen de levenden en de doden gebeurt meestal door dromen en de naamloze ziel zal op deze manier vaak de naam aan de levenden onthullen.

Bij succesvolle adopties gaan de schedel en de bijbehorende ziel in het vagevuur in een wederkerige relatie met de levende verheerlijker. De levenden bieden gebeden en refrisco voor de ziel in het vagevuur, en de ziel antwoordt door te zien dat de gebeden van de persoon worden verhoord. Van geadopteerde schedels wordt vaak gezegd dat ze onvruchtbaarheid of andere gezondheidsproblemen genezen, winnende lotnummers opleveren of binnenlandse problemen oplossen. Als de levenden antwoord op hun gebeden krijgen, belonen ze de schedel ermee ex votos zoals rozenkransen, bloemen of kleine schuilplaatsen, meestal gemaakt van marmer, glas, plexiglas of hout. [Afbeelding rechts] Deze zijn bedoeld om niet alleen de schedel te beschermen, maar ook om de boodschap aan andere favor-zoekers te sturen dat deze schedel isniet beschikbaar voor adoptie. Schedels die geen gebeden beantwoorden, kunnen van hun gaven worden ontdaan en soms opnieuw worden verlaten ten gunste van een schedel met een meer genereuze ziel. (Hoewel dit wraakzuchtige gedrag niet beperkt is tot de Cult of the Dead in Napels, werd de buste van de beroemdste beschermheilige van de stad, San Gennaro, in 1799 in zee gegooid omdat hij verraderlijk de wensen van een bezettende Franse generaal had ingewilligd.)

Napolitaanse volgelingen van de Cult of the Dead worden vaak verondersteld met geschenken voor hun schedels te komen op maandag, vooral op de begraafplaats Fontanelle. Hoewel dit in het verleden waar was in de tijd dat de sekte actiever was, lijkt het recente bewijs van de Cult of the Dead sporadisch te verschijnen.

LEIDERSCHAP / ORGANISATIE

Hoewel er kerkfunctionarissen zijn die zeker het orthodoxe concept van het vagevuur hebben bevorderd, met name in Napels, zoals de heilige Alfonsus Maria de 'Liguori (die voor het eerst theoretiseerde dat God de specifieke gebedsverzoeken van de levenden aan de doden bekend kon maken) en p. Gaetano Barbati, er is geen leiderschap of organisatie specifiek voor de Cult of the Dead. De tradities worden doorgegeven en vaak gebruikt in tijden van strijd en ontbering.

Hoewel hooggeplaatste leden van de katholieke kerk zich bezig hebben gehouden met de Napolitaanse cultus van de doden en deze hebben aangepakt, heeft de cultus zelf nooit een formele structuur, hoofd of zelfs vertegenwoordiger gehad. Het is gewoon een groep leken die vaak de bestaande institutionele structuur van de kerk als hun eigen zien, hoewel hun praktijken met betrekking tot de sekte op gespannen voet blijven staan.

PROBLEMEN / UITDAGINGEN

Tegenwoordig is de Cult of the Dead slechts een beetje actief en met name in Napels, het bewijs hiervan wordt vaak gebagatelliseerd of de schuld gegeventoeristen door de lokale bevolking met meer orthodoxe opvattingen. Terwijl een aantal van de massagrafsites en begraafplaatsen voor broederschappen volledig zijn gesloten voor het publiek, zijn sites zoals de catacomben van San Gennaro en de kerk van Santa Maria delle Anime del Purgatorio en Arco nu voornamelijk culturele instellingen die worden gecontroleerd door de Raad van Napels. Bezoekers moeten entree betalen en zijn beperkt tot rondleidingen om deelname aan de cult te ontmoedigen. Hoewel dit vrijwel ongewenste ex-voto's en botfstallen uit de catacomben en hypogea heeft geëlimineerd, kan men nog steeds sporen van de sekte vinden in de vorm van ex voto's, letters en kaarsen die in de buurt van deze sites zijn achtergelaten, of in het geval van Santa Maria delle Anime del Purgatorio ad Arco, vlakbij het geraspte raam naar het hypogeum op straat. [Afbeelding rechts].

De belangrijkste focus van cult-activiteiten van vandaag concentreert zich rond het Fontanelle-kerkhof waar geen toegangsprijs is en gidsen zijn momenteel niet verplicht. De gemeenschapsgroep, I Care Fontanelle, vormde zich in de 1980s in een poging om de diefstal en verplaatsing van botten te elimineren, en om mensen te ontmoedigen nieuwe heiligdommen te bouwenen het achterlaten van devotionele items die de site zouden kunnen beschadigen. In de loop der jaren heeft de groep ook de lopende structurele problemen met de tufsteengrot aangepakt (meest recentelijk een grot die de begraafplaats in 2011 enkele maanden sloot en waterlekken die vandaag aanhouden). Hoewel het leiderschap van I Care Fontanelle deze urgente problemen met succes heeft aangepakt, heeft het aanhoudende gebrek aan fondsen de verlichtings- en videobewakingssystemen in verval geraakt. Zonder deze waarborgen functioneert de Cult of the Dead nog steeds. De aanhangers laten rozenkransen, gebedskaarten, kaarsen, loten, munten en zelfs plastic poppen en religieuze beeldjes achter voor specifieke schedels; en er verschijnen nog steeds af en toe nieuwe behuizingen voor schedels.

AFBEELDINGEN

Afbeelding #1: Een fresco van zielen in het vagevuur in de Catacombe di Dan Gaudioso Napels, Italië. Foto genomen door en gebruikt met toestemming van Elizabeth Harper.
Afbeelding #2: een aanbod van een plant en een briefje buiten de kerk van Santa Maria delle Anime del Purgatorio ad Arco. Napels, Italië. Foto genomen door en gebruikt met toestemming van Elizabeth Harper.
Afbeelding #3: Een typisch straatschrijn gemaakt voor zielen in het vagevuur. Napels, Italië. Foto genomen door en gebruikt met toestemming van Elizabeth Harper.
Afbeelding 4: een steegje gewijd aan de "vijgenboom van het vagevuur". Napels, Italië. Foto gemaakt door en gebruikt met toestemming van Elizabeth Harper.
Afbeelding # 5: de anonieme mummie, bijgenaamd 'oom Vincent' of 'Vincenzo Camuso'. Hij zou een “ziel in het vagevuur” zijn en werd geadopteerd door de stad Bonito, Italië. Foto gemaakt door en gebruikt met toestemming van Elizabeth Harper.
Afbeelding #6: Een van de beroemde, onaanvaardbare schedels op de Fontanelle-begraafplaats, donna Concetta. Napels, Italië. Foto genomen door en gebruikt met toestemming van Elizabeth Harper.
Afbeelding #7: munten op schedels geplaatst om mogelijke adoptie te initiëren, samen met een loterijticket. Napels, Italië. Foto genomen door en gebruikt met toestemming van Elizabeth Harper.
Afbeelding #8: Een bescheiden kartonnen schuilplaats voor een geadopteerde schedel met ex voto's op de Fontanelle-begraafplaats. Napels, Italië. Foto genomen door en gebruikt met toestemming van Elizabeth Harper.
Afbeelding #9: Het geraspte venster naar het hypogeum in de kerk van Santa Maria delle Anime del Purgatorio ad Arco. Napels, Italië. Foto genomen door en gebruikt met toestemming van Elizabeth Harper.
Afbeelding #10: Een selectie van recente ex voto's achter bij de ingang van de Fontanelle-begraafplaats. Napels, Italië. Foto genomen door en gebruikt met toestemming van Elizabeth Harper.

REFERENTIES

Ariès, Philippe. 1981. Het uur van onze dood: de klassieke geschiedenis van westerse houdingen tegenover de dood gedurende de laatste duizend jaar. New York: Knopf.

Carroll, Michael P. 1996. Veiled Threats: The Logic of Popular Catholicism in Italy. Baltimore: Johns Hopkins University Press.

Cenzi, Ivan en Carlo Vannini. 2015. Il Cimitero Delle Fontanelle Di Napoli: De Profundis. Vertaald door Sally McCorry. Modena: Logos Edizioni.

Ehlert, Rebecca Lisabeth. 2007. "S. Maria Del Pianto: verlies, herinnering en nalatenschap in het zeventiende-eeuwse Napels. " Scriptie. Queen's University, Kingston, Ontario, Canada. Betreden via //Users/elizabethharper/Downloads/Ehlert_Rebecca_L_2000710_MA%20(1).pdf.

Goff, Jacques Le. 1984. De geboorte van het vagevuur. Chicago: University of Chicago Press.

Koudounaris, Paul. 2011.  HET RIJKDOM VAN DE DOOD: een culturele geschiedenis van Ossuaria en Charnel-huizen. New York: Thames & Hudson.

Leeden, Michael A. 2009. "Dood in Napels."  Eerste dingen, Augustus. Betreden via http://www.firstthings.com/article/2009/08/death-in-naples op 26 maart 2016.

Maria, Lombardi Satriani Luigi en Mariano Meligrana. 1982.  Il Ponte Di San Giacomo. Milano: Rizzoli.

Stratton, Margaret. 2010.  The Living and the Dead: The Neapolitan Cult of the Skull. Chicago: Center for American Places aan Columbia College Chicago.

"De mysteries van Napels ontdekken." 2001.  Stad van Napels, Mag 17. Bewerkt door Giuseppe Contino. Stad van Napels. Betreden via http://www.comune.napoli.it/flex/cm/pages/ServeBLOB.php/L/EN/IDPagina/5645 2001 op 26 mrt. 2016.

"I Care-fontanelle." 2015. Ik geef Fontanelle. Np en benaderd vanuit http://www.icare-fontanelle.it op 26 maart 2016.

"Purgatorio Ad Arco." Nd Purgatorio Ad Arco. Santa Maria Delle Anime Del Purgatorio Ad Arco. Betreden via http://www.purgatorioadarco.it/ op 26 maart 2016.

Geplaatst:
31 maart 2016

 

Deel